Pastorale / Ramses Shaffy & Liesbeth List
Passie. Is het zelfstandig naamwoord. Mooier is het afgeleide woord gepassioneerd. In deze song gaat het, zoals in zoveel songs, over liefde, maar zelden klonk liefde zo zuiver en gepassioneerd als hier. En even zelden heeft een zangeres de woorden Ik heb je lief zo waarachtig, zo echt en zo eerlijk uitgesproken. Je zou zeggen: dat moet wel goed komen in dit lied. Maar helaas is het object van liefde onbereikbaar: Je kunt niet houden van de zon, zingt Ramses Shaffy aan het einde van het lied. Maar ook al is die liefde onbereikbaar, je kunt het wel blijven proberen, je in te zetten voor je onbereikbare liefde. En díe intentie, díe inspanning -daar gaat de song over- ook dat is liefde. Vooral dat. Misschien kan liefde zelfs wel nooit groter zíjn dan het trachten een onmogelijke afstand te overbruggen. Misschien wel gewoon omdat je van degene die zo ver weg is houdt.
Luister zelf, naar de jaren zestig-klanken van Pastorale door Ramses Shaffy en Liesbeth List.
(Ooit stond er een heerlijk gedateerde liveclip uit die tijd op youtube, maar die is helaas recentelijk verwijderd i.v.m. het schenden van bepaalde auteursrechten)
(Zie hier een stukje dat ik schreef n.a.v. het overlijden van Ramses Shaffy in 2009)
Pastorale
Mijn hemel blauw met gouden hallen
Mijn wolkentorens, ijskristallen
Kometen, manen en planeten, ah, alles draait om mij
En door de witte wolkenpoort tot diep onder de golven boort mijn vuur, mijn liefde, zich in de aarde
En bij het water speelt een kind
En alle schelpen die het vindt gaan blinken als ik lach
‘k Hou van je warmte op mijn gezicht
Ik hou van de koperen kleur van je licht
Ik geef je water in mijn hand
En schelpen uit het zoute zand
Ik heb je lief, zo lief
Ik scheur de rotsen met mijn stralen
Verdroog de meren in de dalen
En onweersluchten doe ik vluchten, ah als de regen valt
Verberg je ogen in mijn hand
Voordat m’n glimlach ze verbrandt
M’n vuur, m’n liefde, mijn gouden ogen
‘t Is beter als je nog wat wacht
Want even later komt de nacht en schijnt de koele maan
De nacht is te koud, de maan te grijs
Toe neem me toch mee naar je hemelpaleis
Daar wil ik zijn, alleen met jou
En stralen in het hemelblauw
Ik heb je lief, zo lief
Als ik de aarde ga verwarmen
Laat ik haar leven in m’n armen
Van sterren weefde, ik het verre, ah het noorderlicht
Maar soms ben ik als kokend lood
Ik ben het leven en de dood
In vuur, in liefde, in alle tijden
M’n kind ik troost je, kijk omhoog
Vandaag span ik mijn regenboog
Die is alleen voor jou
(hij) Nee nooit sta ik een seconde stil
(zij) ‘k Wil liever branden neem me mee
(hij) Geen mens kan mij dwingen wanneer ik niet wil
(zij) Wanneer je vanavond gaat slapen in zee
(hij) Geen leven dat ik niet begon
(zij) En vliegen langs jouw hemelbaan
(hij) Je kunt niet houden van de zon
(zij) Ik wil niet meer bij jou vandaan
Ik heb je lief, zo lief
Ik heb je lief, zo lief
Ik heb je lief, zo lief
Ik heb je lief, zo lief
Ik heb je lief, zo lief
© Tekst & Muziek : Boudewijn de Groot & Lennart Nijgh

