9 december 2006
De trappen zijn geplaatst! Je kunt nu binnendoor van beneden naar boven en buitenom via de steigers weer omlaag.
Dat was toch een vreemde ervaring: ik kwam aanlopen, zag tot mijn blijdschap dat de trappen geplaatst waren, zette mijn rugzak in de huiskamer en pakte het fototoestel. Even later voor het eerst via de trap binnendoor omhoog gelopen en daar foto’s gemaakt. Daarna enkele foto’s van de straat, vanaf de steigers. Via een stalen bouwtrap die de steigers onderling en de steigers met de begane grond verbindt, wilde ik weer omlaag. Die trappen ken ik inmiddels: stevige, degelijke en trouwe trappen. Terwijl ik een voet op zo’n stalen trede zette, bedacht ik me dat ik me helemaal niet meer kon herinneren via welke steigertrap ik nou eigenlijk omhoog gekomen was. Ik schrok: da’s erg! Hetzelfde moment schoot me te binnen dat ik via onze eigen trap naar boven was gekomen. Grinnikend afdalend vroeg ik me af wat nu erger was: dat ik was vergeten dat ik via onze eigen, houten trap omhoog gelopen was, of dat ik zo geconditioneerd geweest was op de stalen steigertrappen dat deze me direct als eerste mogelijkheid te binnen geschoten waren.
Een mens maakt wat mee!
Mooi, zacht licht in de woonkamer, terwijl ik foto’s maakte. Het kostte me veel meer moeite dan anders om weer weg te gaan: twee sigaren deze keer. De tweede heb ik gerookt, zittend tegen de plek waar binnenkort de raamkozijnen van de woonkamer geplaatst zullen worden, aan de achtertuin-zijde. De andere drie heb ik later doorgeknakt. Ik was ze opeens weer zat. Ik had dat laatst ook met een mobiele telefoon, maar dat verhaal vertel ik niet op internet.
Een echte winterfrisse dag, maar onze tuin is pal op het zuiden gelegen. Verre van koud dus, daar, tegen dat toekomstige kozijn.
Zo’n houten trap van de ene op de andere dag in zo’n stijf betonnen woonkamer maakt het huis opeens levend. En wie wil er nu weg uit een levend huis?
De eerste huizen van ons project zijn afgelopen week opgeleverd. De herenhuizen. Tijdens mijn “rondje bouwplaats” ben ik er even langsgelopen. Hier en daar zag ik een peertje aan een plafond bungelen, hoorde ik wat boor- en andere klusgeluiden. De rust was nog tevreden, nog niet echt verstoord.
Voor de eerste opleverwoningen stonden dure auto’s schuin geparkeerd. Ze leken schijnbaar achteloos achtergelaten te zijn.
Opeens miste ik Marijn.
© Kees Bekker, Dordrecht, 9 december 2006