Pieterburen
Voor de zeehondjes kwamen we niet. We kwamen voor de sneeuw. Voor het ijs. Voor de sneeuwduinen en de gestolde golven. Voor de lage gevoelstemperatuur. Voor de snijdende ooster en voor de vol- en dichtgesneeuwde sloten. Voor de sneeuwduinen en het in zichzelf gekeerde en verstilde landschap. Voor de uitbundige B & B van Koningin Astrid.
We kwamen om te rollen in de sneeuw en we kwamen om te springen in de sloten en te beseffen dat het sneeuw was die ervoor zorgde dat je op straatniveau in de sloot kon lopen. Of op de sloot. Die onduidelijkheid maakte het nog mooier.
We kwamen om dit poolbeeld, dat ik al de hele week zorgvuldig koesterde, te ervaren en te voelen. We kwamen om de zachte, blauwe glans te zien die over de besneeuwde velden lag. In de avond, terwijl felle kleurschakeringen van de ondergaande zon de horizon veranderden in een palet.
We kwamen om te zien dat zwart-wit nog wel degelijk bestaat. We kwamen om te spelen, om te sleeën, om te wandelen en de waddendijk te zien, om de volte van de leegte te ervaren. We kwamen om te weten en te voelen dat we leefden.
We kwamen om te spelen.
© Kees Bekker, Pieterburen, za – zo 16 – 17 januari 2010